donderdag 20 december 2012

Interview met Nel Oskam

Theater met een vertrouwd gezicht

De Goudse Schouwburg gaat uw voorstelling te boven’, dat is de missie van het theater van directeur Nel Oskam. „Een voorstelling is overal hetzelfde”, zegt Oskam. „Maar wij bieden net even meer. Wij zorgen dat alles om de voorstelling heen ook klopt.” De Schouwburg van Gouda valt op. In deze economisch moeilijke tijd blijft zowel de kleine als de grote zaal goed bezet. En met een eigen commerciële bioscoop draagt de schouwburg zelf een groot deel van de kosten. De Vereniging van Vrije Theaterproducenten (VVTP) verkoos de schouwburg vorig jaar tot ‘Theater van het jaar’.

Het juryrapport van de VVTP roemt De Goudse Schouwburg vooral om zijn klantvriendelijkheid. Waar zit die volgens u in?
„Het personeel hier is gepassioneerd. Ik krijg vaak complimentjes van bezoekers, over een portier die heel vriendelijk kaartjes scheurt en de gasten een fijne avond toewenst of over onze horecamensen die met een glimlach een kopje koffie inschenken. Het is daardoor geen anoniem gebouw, maar een theater met een vertrouwd gezicht. We hebben bijvoorbeeld ook lang nagedacht over de sfeer in het thea- tercafé. Film, dat is even een filmpje pakken. Maar theater is een avondje uit. Er hangen in het café gezellig gekleurde lampjes, we hebben diverse soorten whisky en bier. Ik vraag ook aan artiesten om na afloop in het café wat te komen drinken, zodat de bezoekers nog even kunnen zeggen wat ze ervan vonden. En we gaan elke avond een keertje rond met onze beroemde bitterballen. Dat vinden mensen leuk. Hoe moeilijk kan het zijn, hè.”

Merken jullie helemaal geen terugloop in bezoekersaantallen?
„Jawel, mensen letten nu goed op waar ze geld aan uitgeven. Theaterbezoek is niet zo van- zelfsprekend meer als vijf jaar geleden. Maar het valt bij ons mee. De zalen zitten regelmatig vol. We moeten wel bij uitverkochte voorstellingen minder mensen teleurstellen. Waar ik vroeger op een zaal van 800 soms 500 man teleur moest stellen, zijn dat er nu nog 100.”

Ziet u als gevolg van de crisis het aanbod aan voorstellingen veranderen?
„Ik merk dat er minder grote musicals en shows aangeboden worden. Maar dat is begrijpelijk. Theaters, inclusief het onze, kunnen die dure voorstellingen nog maar moeilijk verkopen aan het publiek. Bezoekers realiseren zich dat ze voor dezelfde prijs twee keer naar een andere voorstelling kunnen. Maar het totale aanbod valt nog wel mee. Ik ben nu voor 95 procent klaar met de programmering voor seizoen 2013-2014 en er worden nog steeds prachtige toneelstukken aangeboden.
Ik denk dat er nu vooral bezuinigd wordt op dingen die voor het publiek niet zo zichtbaar zijn. Ik hoorde weleens dat een decor van een musical op het laatste moment niet mooi genoeg bleek en zomaar opnieuw gemaakt werd. In deze tijd wordt al in de maquettefase gekeken of het allemaal klopt. Waarschijnlijk kijken producenten ook bewuster of ze met minder uitgaven hetzelfde resultaat kunnen bereiken. Daar zijn natuurlijk wel grenzen aan.”

Dat klinkt positief.
„Er komt nu veel inventiviteit en cultureel ondernemerschap naar boven. Dat is goed! Wa t wel verschrikkelijk is, is dat door de cultuur- bezuinigingen de productiehuizen verdwijnen, plaatsen waar net afgestudeerde makers hun eerste voorstellingen kunnen maken, en dat de jeugd daardoor niet meer de kans krijgt om te groeien en te oefenen. Over een paar jaar gaan we dat merken. En natuurlijk missen we enkele gezelschappen die hier al jaren kwamen en nu omgevallen zijn.”

Jullie hebben het altijd met weinig subsidie gedaan, per bezoeker krijgen jullie vier keer zo weinig als een vergelijkbare schouwburg. Hoe hebben jullie dat gered?
„Als je weinig subsidie krijgt, moet je zorgen dat je zelf geld verdient. De beste methode is heel veel publiek in huis halen zodat je van de recettes en de horecaopbrengsten zaken kunt bekostigen. Daarnaast hebben we altijd het geluk gehad dat we als Stichting Schouwburgcomplex ook een eigen commerciële bioscoop beheren, die winst gaat naar ons theater. Maar we hebben nooit ruim in het jasje gezeten.”

Hoe is de financiële situatie op dit moment?
„We redden het net. Onder meer omdat de gemeente niet op ons bezuinigt. Inmiddels heb- ben we alle verdienkansen benut en alle bezuinigingen doorgevoerd. We kunnen kijken waar we met een kaasschaafje nog iets kunnen afschrapen, maar dat zet geen echte zoden meer aan de dijk.”

Hoe kan de financiële situatie verbeteren?
„Met meer cultureel ondernemerschap. Het stationsgebied in Gouda wordt opnieuw ontwikkeld. Dus ik dacht: hier ben ik! Laat ons daar een nieuwe, grotere bioscoop bouwen, met zes zalen. Voordat iemand anders met onze huidige bioscoop gaat concurreren. De winst gaat weer rechtstreeks naar het theater zodat het voortbestaan van De Schouwburg in de toekomst is veiliggesteld. We zitten nu al in de aanbestedingsfase en in het voorjaar van 2014 gaat de nieuwe bioscoop open.”

Wat staat er nog meer op uw verlanglijstje?
„Ik heb altijd gedroomd van een derde zaal, een middenzaal. Dan zouden we in de grote zaal langere series met grote shows kunnen doen en in de middenzaal toneel, dans en veel cabaret. Alleen droom ik die droom nu niet vaak meer. In deze vacuümtijd zijn we al blij dat we onze grote en kleine zaal kunnen vullen. Maar er komt weer een tijd – en dat vertrouwen heb ik, echt waar – dan is theater weer hot en komt mijn plannetje weer uit het onderste laatje.”

Nel Oskam (Grave, 1952) volgde diverse cursussen bij de Vereniging van Schouwburg- en Concertdirecties (VSCD) en het Theater Instituut Nederland, waaronder Podium- kunstmanagement. Ze is echter voornamelijk autodidact. In 1977 werd ze beleidsmedewerker bij Stichting Schouwburgcomplex Gouda. Daar klom ze op tot bedrijfsleider en in 1985 tot directeur/programmeur. Ze was toen 33 jaar. Het eerste wat Oskam als directeur deed, was de bioscoopfunctie uit het gebouw halen. In plaats daarvan bouwde ze in 1987 een aparte, commerciële bioscoop. In 1992 volgde een nieuw theater met een grote zaal van ruim 800 stoelen en een kleine van 230. Bij haar 25-jarig jubileum in 2010 benoemde de gemeente Gouda Oskam tot ereburger. Ze woont samen met haar man net buiten de stad, in Haastrecht.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen